Maak het niet persoonlijk.

Hoe ga je om met je emoties in de politiek.

 
Politiek, persoonlijke ontwikkeling
19 maart 2019

Helaas heb ik het niet gezien op de televisie: twee politici die elkaar voor rotte vis uitmaken in de tweede kamer. Op straat heel normaal (?) maar niet in de Tweede Kamer: daar hoort dit niet. Toch gebeurt het af en toe: doe zorg je dat je je niet laat overspoelen door je emoties?

 

“Gisteravond kregen Özturk (DENK) en De Graaf (PVV) het met elkaar aan de stok in een debat over bijstandsfraude door Turkse Nederlanders. Özturk beschuldigde de PVV’er ervan dat hij meerdere malen door fraude in opspraak is gekomen. De Graaf reageerde woedend. “Ik zal je najagen. Dan ben je van mij.” aldus het bericht op NOS.nl

 

Al eerder heb ik geschreven over hoe politici, zoals raadsleden, met elkaar omgaan. Raadslid is een rol, de raadsvergadering is een schouwtoneel. En bij een rol horen regels, geschreven en ongeschreven. Als raad (en Tweede Kamer) heb je met elkaar, op schrift, afgesproken hoe je met elkaar om gaat. Elke gemeenteraad stelt zulke regels op. En deze regels hangen samen met de cultuur van een gemeente(raad). Dus als de een strenger zijn dan de ander. Maar er zijn ook ongeschreven regels: je scheldt niet, laat elkaar uitspreken (of niet), etc. Ook deze ongeschreven regels zullen verschillen per politiek orgaan. Maar elkaar voor rotte vis uitmaken, hoort nergens.

 

Emoties onder controle

Vroeger was politiek iets voor keurig sprekende heren  in driedelig grijs. Met een sigaar in de hand werden belangrijke beslissingen genomen over ons land of onze gemeente (waar er nog heel veel van waren). Dames waren er niet of nauwelijks. En emoties ook niet.

Gelukkig is die tijd voorbij. Al zitten er nog veel te weinig vrouwen in de politiek. En ispolitiek nog steeds wel iets voor mannetjesputters.

In de politiek zitten nu meer ‘gewone’ mensen. En net als in de gehele samenleving, sluipen er meer emoties de raadszaal en de plenaire zaal van de Tweede Kamer in. Met bovenstaande situatie als resultaat.

“Tja, zo gaat het nou eenmaal af en toe”,  kun je denken. En dat is misschien ook wel zo.

 

Toch is het goed om je altijd weer te realiseren dat politiek niet gaat over je zin krijgen en anderen die moeten doen wat jij wil, maar het gaat over dingen in je gemeente (of in je land) voor elkaar krijgen. En bij zo’n wat meer zakelijke houding horen geen emoties.

Maar zoals overal, kun je dit niet altijd voorkomen. Het gebeurt toch: je bent boos, bang of verontwaardigd. Hoe ga je hier dan mee om? Een boze brief naar de pers sturen? Die wethouder of dat ene raadslid in het openbaar beledigen? Of alles oppotten?

Foto van  Jan Zikán op Unsplash

Wat nu?

Je hebt emoties, en je hebt gedrag. Dus hoeft niet hetzelfde te zijn. Je kunt bijvoorbeeld heel boos zijn op wat iemand zegt, maar dan hoef je nog niet direct boos te reageren. Het is fijn als hier een moment tussen zit. Een moment om na te denken hóe je zult reageren.

Waarbij je dan wel weer moet uitkijken dat je niet alles opkropt, nooit reageert en tijden later opeens ontploft. Dat is bij mij nog wel eens aan de orde. Dat is een begrijpelijke, maar foute reactie.

Wat werkt wel?

Humor

Wat goed werkt is deëscalatie: door een goede (woord)grap wordt de gespannen sfeer doorbroken. Even relativeren en lachen. En weer verder.

Goedmaken

Hoe deed je het vroeger als je ruzie had met vriendjes? Hij mocht bijvoorbeeld kiezen welk spel jullie gingen doen. Zo maakte je het weer goed. Zo gaat het soms ook zo in de raad. Je stemt mee met de volgende motie of amendement van de ‘tegenpartij’.

Niet reageren/negeren

Als je ‘not amused’ bent met het gedrag van de ander is doodzwijgen soms een heel goede oplossing. Zijn uitspraken landen dan gewoon niet. Alleen moet je dan duimen dat de pers er niks mee doet.

Wachten op het goede moment

Niet iedereen is zo gebekt dat de goeie grap er meteen is, als die nodig is. Ik heb niet altijd mijn mondje vooraan. Je wilt misschien wel even nadenken over het voorval. Neem dan ook de tijd en kom er op het voor jouw goede moment op terug. Maar kijk uit: zorg dat het niet wrokkig gaat klinken.

Dit is te gek!

Soms zijn de uitspraken van de ander te gek voor woorden en wil je dat er iets aan gedaan wordt. Je kunt dan de voorzitter er op aanspreken (in ons geval de Burgemeester) of via de voorzitter kun je het raadslid zelf er op aanspreken en vragen of het raadslid zijn woorden terug wil nemen. Dit doet hij/zij dan vaak ook wel. Vroeger werden de woorden dan echt geschrapt uit de notulen van een raadsvergadering. Tegenwoordig wordt de hele uitzending gearchiveerd. Het terugnemen van de woorden heeft zo minder waarde – eens gezegd, blijft gezegd.

In het uiterste geval praat je er over via het presidium, fractievoorzittersoverleg of een andere vorm van overleg. Dit kan bijvoorbeeld leiden tot het aanscherpen van de regels.

Zelfkennis

Primair reageren op opmerkingen van anderen kan handig zijn, als je jezelf goed in de hand hebt. Heb je dat niet, wacht dan altijd met een reactie: voor je het weet vlieg je uit de bocht.

Zelfkennis is belangrijk als je in het openbaar moet praten. Weet waar je kracht ligt. En neem jezelf en je rol nooit al te serieus.